07 december 2014

Gone with the Wind (het boek)

Onlangs heb ik het boek "Gone with the Wind" gelezen. Ongeveer 1000 bladzijden, maar dan heb je ook wat. We kennen natuurlijk allemaal de - waarschijnlijk - beroemdste film aller tijden met die naam, waarover hier nog een Blog post te verwachten is, maar ik kan nu vast zeggen dat als je echt in detail wilt weten hoe de hoofdpersonen over hun gevoelens en de gebeurtenissen denken, en hoe ze precies in elkaar zitten, je het boek beslist moet lezen.

Dit boek is het enige boek van Margaret Mitchell, die weliswaar journalistieke ervaring had, maar uiteindelijk in één keer een bestseller van hoog gehalte kon schrijven, zelfs nog bekroond met de Pulitzer Prize.

Om een bekend vooroordeel eerst maar te weerleggen: het is geen vrouwenroman en zeker geen keukenmeidenroman. Het is een goed in elkaar zittend epos over Scarlett O'Hara, voor tijdens en na de Amerikaanse burgeroorlog.

Het boek is erg goed geschreven en bevat daarnaast ook veel informatie over de Amerikaanse burgeroorlog, wat die bij de bevolking teweegbrengt en hoe de naweeën ervan gevoeld werden. Scarlett is aan het begin van het boek een verwend meisje uit een rijke familie. Ze woont op een plantage waar 100 slaven werken en ze doet weinig anders dan bals en andere feesten bezoeken, om zich te laten bewonderen. Aan het einde zit ze met drie mislukte huwelijken.

Tijdens de burgeroorlog leeft zij redelijk beschermd bij haar tante in Atlanta. Aan het einde van de oorlog vlucht ze naar haar voormalig ouderlijk huis en moet ze zich zien te handhaven. Ze leert voor het eerst armoede kennen.

Ze ontmoet al in het begin van het boek, en daarna door het hele boek heen, de opportunist Rhett Butler, waar ze een hekel aan heeft (of toch niet?), maar die wel altijd over een grote hoeveelheid geld beschikt en die haar perfect door heeft. Ik ga hier geen verdere details over het verhaal geven. U moet het zelf lezen. Het is niet voor niets het meest verkochte boek in Amerika.

De sfeertekening en de beschrijving van haar gedachten in de verschillende fasen waarin de hoofdpersoon terecht komt is perfect. Het boek zit qua dosering zo goed in elkaar, dat het moeilijk te bevatten is dat dit een debuutroman was. Tijdens de laatste vijf hoofdstukken is het zelfs absoluut onmogelijk om het boek weg te leggen.

We realiseren ons al vrij snel in het boek dat Scarlett een egoïstisch en verwend nest is en dat zij zich vrijwel uitsluitend voor geld interesseert. Zij weet dan ook haar drie huwelijken te laten mislukken, voor zover ze vooraf eigenlijk al niet wist dat ze die beter niet had kunnen sluiten. Maar geld is geld.

Verdere details ga ik niet geven. Er stort zich veel over haar heen en zelfs op de laatste bladzijde lijkt ze nog weinig van het leven begrepen te hebben.
Dit is het enige boek dat ik ooit gelezen heb waarin de hoofdpersoon onuitstaanbaar is en alleen haar eigen wensen en belangen ziet. Een ongebruikelijke keuze voor een hoofdpersoon van een epos dat 12 jaren beslaat!

Voor degenen die het einde onbevredigend vinden nog de opmerking dat de schrijfster het einde het eerst geschreven heeft en vervolgens de rest opgezet heeft om te laten zien hoe alles zo gekomen is. Een vervolg is voor Mitchell dan ook absoluut nooit aan de orde geweest. Zoals het afloopt moest het aflopen. Het is geen open einde waarna weer van alles kan gebeuren, nee Scarlett heeft alles zelf in de hand gehad, maar alle keuzes zo gemaakt als ze gedaan heeft, en zit dan met de gevolgen.

Lezen dat boek! Nadat ik het gelezen had ben ik de film gaan bekijken. Zie voor mijn indrukken daarvan een apart stuk in dit blog (in voorbereiding).

Smartphoneverslaving

Ik erger mij groen en geel aan het gebruik (of eigenlijk misbruik) van smartphones in restaurants en andere plaatsen waar je heen gaat om in elkaars gezelschap te zijn.

Op mijn recente vakantie in Thailand gingen we met een aantal familieleden van mijn vrouw uit eten. Hoewel mijn vrouw en ik ook graag regelmatig op onze telefoon kijken, doen we dat niet in restaurants. Je bent toch samen uit? Sommige familieleden van mijn vrouw denken daar helaas anders over, bleek op het eerder genoemde etentje.

We zaten met 8 personen aan tafel, en vier daarvan hebben geen moment aan de gezamenlijkheid deelgenomen en hebben de hele tijd met hun telefoon zitten spelen. En tijdens het eten ging dat gewoon door, en werd er af en toe met een hand wat voedsel genomen. Ik (en gelukkig ook mijn vrouw) heb mij (hebben ons) daaraan gruwelijk zitten ergeren. Los van het feit dat wij toch niet elke dag in Thailand zijn (en mijn schoonzusters hun zus dus niet vaak kunnen zien), is het gewoon irritant. Waarom zou je uit eten gaan met je familie als je tijdens het eten uitsluitend aandacht voor je telefoon hebt?

In Thailand is het chat-programma "Line" erg populair. Dat is net zoiets als "Whatsapp", maar dan wel een stuk opdringeriger. Elke keer als er een (flauwekul)bericht binnen komt verschijnt er een bijna schermvullende pop-up met een irritante ringtoon prominent in beeld. Je kunt zo'n Line bericht dus moeilijk missen. En bij mijn schoonzusters hoor je het binnenkomen van de vele berichten (kennelijk van levensbelang) elke 10 seconden of zo. Mijn vrouw heeft een uitgebreide familie. En bij zo'n opdringerige presentatie als bij Line moet je dan kennelijk onmiddellijk kijken en reageren.

Zelf heb ik dat Line ook een korte tijd op mijn telefoon gehad, maar dat was binnen twee weken over, nadat ik spamberichten begon te krijgen die een andere Line-gebruiker als afzender hadden. De beveiliging van je gegevens op de Line servers laat kennelijk nogal te wensen over of de persoonsgegevens worden aan spammers verkocht. Weg ermee dus, wat mij betreft.

Twee jongere familieleden waren niet alleen in Line verdiept, maar waren tegelijkertijd spelletjes, kennelijk verslavende spelletjes, aan het doen. Gezellig uitje! Het wonderlijke is dat de betrokkenen hun verslaving blijkbaar niet willen kennen of hem verdringen, want als je er een vriendelijke opmerking over maakt zeggen ze dat ze er nauwelijks naar kijken. Voer voor psychologen.

Ik had na deze ervaring alle begrip voor de policy van een gezellig café in Nederland, waar bordjes hangen met de tekst "Wij hebben geen WiFi. Praat eens met uw tafelgenoten"!

02 november 2014

Thailand anno 2014

Ik ben kort geleden teruggekeerd van een bezoek aan Thailand. Mijn vrouw komt daar vandaan en we gaan er dus met een zekere regelmaat heen.
De afgelopen maanden was het toerisme naar Thailand nogal teruggelopen, las ik in de - vooral Thaise - pers. De oorzaak zou de recente militaire staatsgreep zijn.

Ik was dus benieuwd wat je nu precies zou merken van die staatsgreep. Het antwoord kan kort zijn: helemaal niets. Ik ben er vier weken geweest en heb in die vier weken geen enkele militair en al helemaal geen militaire voertuig of ander militair materieel gezien. U kunt er dus met een gerust hart heen gaan. U wordt er gegarandeerd niet met geladen mitrailleurs ontvangen.

Wat me weer vooral opviel was de grote mate van service die je overal ondervindt. Wanneer ik in Nederland een kopje koffie bestel, krijg ik doorgaans een bakje dat - zo te proeven - al urenlang op een klant stond te wachten. Je krijgt bovendien een zuur gezicht als je er geen gebak bij bestelt, en een nog zuurder gezicht wanneer je geen fooi geeft. Nu vind ik 3 Euro (of daaromtrent) een schandelijke prijs voor een kopje koffie dat al uren staat en dat vaak nog met een voetbad en een hebberig gezicht wordt opgediend dus ik geef nooit een fooi wanneer ik koffie bestel. Het bedienend personeel doet niets meer voor mij dan het moet doen voor de hoofdprijs van 3 Euro. Eigenlijk meestal minder.

Wanneer ik in Thailand een kopje koffie bestel krijg ik een glimlach van het personeelslid dat de bestelling opneemt, geen gezeur over gebak, als ik daar zelf niet om vraag, en wordt mijn vers bereide kopje koffie vriendelijk ogediend, wordt de suiker en melk niet in zakjes ernaast gesmeten (die "poedermelk" moest verboden worden), maar wordt er een keurig suikerpotje en melkkannetje neergezet. Tenzij ik een "latte" of een andere koffievariant bestel. Dan wordt er een topping van melk met daarop een prachtig patroon van cacao op aangebracht en krijg ik er geen suiker, maar - zoals het hoort - suikersiroop bij. Voor dat kope koffie komt degene die het gebracht heeft nog eens vragen of het allemaal naar mij zin is. Over de prijs zullen we het maar helemaal niet hebben. Voor dat kopje keurig opgediende kopje koffie of latte betaal ik nauwelijks zoveel als de hebberige ober hier als fooi wil hebben. Nee, voor service, ook voor de eenvoudigste zaken, moet je toch echt in Thailand zijn.

Ook frappant vond ik (weer) het verschil tussen Schiphol in Amsterdam en Suvarnabhumi Airport in Bangkok. Toen we in Bangkok aankwamen kwam onze bagage als eerste op de band, omdat we een "priority" label aan onze koffers hadden. Het is daar vanzelfsprekend om daar rekening mee te houden. Bij terugkomst op Schiphol hadden we ook een "priority" label, maar werd daar totaal geen waarde aan gehecht. Onze bagage kwam zo ongeveer als laatste op de band, nadat degenen die zo goedkoop mogelijk willen reizen, hun eigendommen er al vanaf gesleurd hadden, waarbij ik nog regelmatig een duw kreeg. Ikke, ikke, ikke en de rest kan stikken. Maar de instructie aan het personeel, dat "priority" "voorrang" betekent ontbreekt in ons hebberige landje.

En dan het hotel, waar ik minder voor betaal dan hier voor een drie sterren hotel. Als ik hier in Nederland bij een hotel aankom mag ik blij zijn als ze mijn kamer netjes aanwijzen, en meer zeggen dan "vierde veredieping". In Bangkok is mijn bagage al uit de taxi gehaald voordat ik zelf ben uitgestapt, word ik vriendelijk toegesproken bij ontvangst en wordt me gevraagd of ik misschien eerst iets wil drinken voordat ik incheck. Wanneer ik dan na een relaxte procedure ben ingecheckt, en - zoals het hoort - persoonlijk door iemand naar mijn kamer gebracht ben, komt de bagage vijf minuten later zonder dat iemand zijn hand ophoudt. Je moet nog achter hem aanrennen als je toch een fooi wilt geven.

En iedere keer als ik vertrek of weer binnen kom word ik vriendelijk gegroet. Wat heeft de horeca hier toch nog verschrikkelijk veel te leren. Als ik dan ga uitchecken wordt ik niet als een dief behandeld en wordt er niet opzichtig gecontroleerd of ik niets uit de minibar of van de inrichting gestolen heb, maar wordt er vriendelijk gevraag wanneer ik hun weer langs zal komen en wordt me gevraagd vooral te bellen of te mailen wanneer ik iets vergeten ben. Het hotel zal er in dat onverhoopte geval graag voor zorgen database netjes thuisbezorgd wordt.

Misschien zal ik nog eens een posting wijden aan het natuurlijke gevoel voor service dat je in Thailand ondervindt. Het is de moeite waard.

16 augustus 2014

Proefslapen op matras of hoofdkussen

Let op wanneer u een nieuwe matras of een nieuw hoofdkussen koopt!  Veel bedrijven bieden de "service" van proefslapen aan. Je koopt een matras of hoofdkussen en mag het eerst twee weken gebruiken. Als het bevalt betaal je het, en als het niet bevalt komen ze het gewoon weer gratis bij je ophalen en hoef je niets te betalen. De Consumentenbond is zeer blij met dit hygiënische initiatief. Er doen dan ook veel fabrikanten aan mee, ook de duurste onder de duren: Tempur.

Even terzijde: bij Tempur betaal je voor een hoofdkussen zo'n EUR 120 en voor een matras zo'n EUR 1000. Belachelijke prijzen. Vroeger bezat Tempur allerlei octrooien en was dat een zekere rechtvaardiging voor hoge prijzen, maar nu zijn die (basis)octrooien al lang en breed verlopen (de looptijd van een octrooi is 20 jaar) en nu probeert dit merk zijn prijzen hoog te houden door zijn bekendheid en uitgebreide advertentiecampagnes. Ze suggereren dat er maar één de 'echte' en de beste is. Nou, geloof het maar niet. Je kunt de specificaties van de verschillende navolgers bekijken en dan zie je dat Tempur inmiddels een van velen is. Ik kom straks nog op deze pionier terug.

Nu weer verder met het proefslapen. Er is een fabrikant van matrassen en hoofdkussens die op zijn website stelt dat 75% van de mensen die in een winkel een matras uitzoeken daar later spijt van krijgen. Gelukkig zal je dat bij hem niet overkomen. Bij hem mag je immers twee weken proefslapen, zonder kosten en zonder verplichtingen. En toevallig heeft juist deze fabrikant een interessante tijdelijke aanbieding met een flinke korting.

Ik ben van plan weer eens een nieuw hoofdkussen aan te schaffen, en ik weet precies wat voor kussen ik wil. Ik hoef dus niet proef te slapen. Maar naar wie moet ik nu om dat kussen te kopen? De fabrikant van mijn eerste keuze biedt proefslapen aan. En als ik bij hem dus een kussen bestel heb ik 75% kans dat ik een kussen krijg waar een ander of enkele anderen al uitgebreid op heeft of hebben proef geslapen. Lekker fris. Want denkt u nou niet dat die 75% van de spullen die terugkomen weggegooid worden.

Natuurlijk wordt er om die gebruikte producten, die aan een proefslaap zijn onderworpen, een nieuw hoesje gedaan en worden ze weer als nieuw verkocht (of als het aantal rondes proefslapen te groot is als interessante aanbieding aangeboden). Dus de koper van een nieuwe matras krijgt een exemplaar waar minstens één proefslaper zijn vriendin of zijn vrouw al een aantal flinke beurten gegeven heeft. De koper van een nieuw hoofdkussen moet het doen met een exemplaar waar de proefslaper met hoofdluis toch niet echt aan kon wennen. Of, om een aantal andere mogelijkheden te noemen, een matras die de kindertjes al twee weken lang als trampoline gebruikt hebben. Met dank aan de Consumentenbond.

Natuurlijk kunt u zeggen dat die gebruikte slaapproducten vernietigd worden. Ziet u het gebeuren? Er worden 100 matrassen gemaakt, waarvan er in de eerst ronde 75 terug komen. Gaat de fabrikant vervolgens 75% van zijn omzet vernietigen zonder er iets aan verdiend te hebben, maar waarvoor hij wel minstens tweemaal bezorgkosten gemaakt heeft? Natuurlijk niet! Nieuw hoesje en nog eens proberen.

Die slaapbusiness is dus een uiterst onfrisse aangelegenheid geworden. Je weet niet wie er allemaal al op je matras of hoofdkussen geslapen (en wat nog meer) hebben als je hem als nieuw koopt.

Het schijnt dat er ook uitzonderingen op deze regel zijn. Er zijn fabrikanten die je een lijstje geven van hotels waaraan ze leveren. Dan kan je daar gaan proefslapen en bij hun een echt nieuw exemplaar bestellen. Dat is natuurlijk wel een redelijk voorstel. Nu moet ik nog een fabrikant vinden die tot die minderheid behoort. Want het proefslapen is een rage geworden.

Ik zou nog terugkomen op Tempur. Welnu. Bij een oriëntatieronde langs diverse slaapparadijzen ben ik twee winkels tegengekomen die geen zaken meer willen doen met Tempur en hun bestaande voorraad met zeer hoge kortingen hebben verkocht. En waarom? Allebei zeiden ze dat ze verplicht waren om proefslapen aan te bieden, maar daar geen zin hadden! In eerste instantie heb ik daar nog geen keuze kunnen maken, maar deze beide zaken maken een zeer goede kans mij als klant voor mijn nieuwe hoofdkussen terug te zien.

Proefslapen? Bah! Het moest verboden worden en juist een organisatie als de Consumentenbond zou daarop moeten aandringen. Maar ze doen het tegenovergestelde. Ze raden je aan om een gebruikte matras of een gebruikt hoofdkussen te kopen En dan voor de nieuwprijs. Leve de belangenbehartiging van de consument!

Tenslotte: iedereen kan (en diverse fabrikanten zullen misschien) zeggen dat al het afgekeurde proefslaap-materiaal vernietigd wordt, maar dat geloof ik pas wanneer ik de vernietiging van een paar flinke partijen matrassen en hoofdkussens heb mogen bijwonen,of ze video's van dergelijke massale vernietigingen publiceren.

07 mei 2014

Colporteurs

Ik ben het langzamerhand spuugzat. Colporteurs aan de deur. En meestal voor "het goede doel". Vaak voor volstrekt onbekende goede doelen, die waarschijnlijk niet eens bestaan, maar tegenwoordig ook voor de bekende landelijke goede doelen.

Natuurlijk mag ieder goed doel zijn eigen methoden kiezen om nieuwe begunstigers te werven, maar mijn probleem met colporteurs is, dat ze niet voor het goede doel werken,maar voor hun commissie. Per aangebrachte donateur krijgen ze een premie en daar doen ze veel voor.

Gisteren kwam er een jongeman met een gladde babbel langs voor UNICEF. Ik heb UNICEF altijd als een serieuze organisatie beschouwd, maar deze jongeman heeft daar verandering in gebracht. Hij had formulieren bij zich waarop je je op kon geven als vaste donateur, maar hij vertelde dat er nu een speciale actie liep, waarbij je ook voor één of een paar manden kon bijdragen.

Je werd opgebeld, zei hij, en dan kon je zeggen voor hoeveel maanden je wil bijdragen. LEUGENS! In de colportagewet staat een bedenktermijn, waarin je van de acties van een colporteur af kunt, maar die is niet bedoeld om je steun in de tijd te beperken. Als je dat doet krijgt hij nog steeds zijn commissie, waarschijnlijk zelfs het hele bedrag voor je in de tijd beperkte steun. En daar steun je een goed doel niet mee, maar die landlopers die langs de deuren gaan voor het goede doel dat het meest betaalt.

De goede doelen moeten maar eens leren begrijpen waar ze mee bezig zijn. Ik heb een mail geschreven naar UNICEF, met de volgende inhoud:

Geachte dames, heren



Vanmiddag kwam er een colporteur bij mij aan de deur namens uw organisatie. Zoals iedere colporteur vertelde hij voornamelijk halve waarheden en enkele controleerbare onjuistheden.
Het staat u vanzelfsprekend vrij de wervingsmethoden van uw keuze te gebruiken voor uw organisatie. U kiest daarbij blijkbaar onder meer voor de inzet van betaalde colporteurs. In mijn beleving is dit een methode die thuishoort in de jaren '30 van de vorige eeuw.
Ik wil u erop wijzen dat de inzet van betaalde colporteurs, die in hun eigen belang halve waarheden en hele leugens vertellen, uw organisatie in een negatief daglicht plaatst.
Unicef staat bij mij nu voorlopig op de zwarte lijst. Ik voel er niets voor om een donatie gedeeltelijk naar colporteurs te zien gaan.

Vriendelijke groet,

Of ze er wat van leren? ik betwijfel het. Maar ik blijf serieuze organisaties nog een paar keer op deze manier waarschuwen voor de praktijken van de oplichters die ze tegen betaling op ons af sturen.